Podcast Koffie & Couscous: Vind je het erg als ik hier eet?
De ramadan is weer voorbij. In Zeeuws-Vlaanderen betekende dat voor de één feest en samenzijn en voor de ander gewoon een normale werkdag. Maar wat blijft hangen, zijn de aannames die we ieder jaar opnieuw maken zodra het woord ramadan valt.
“Doe jij niet aan de ramadan?” hoor ik weleens om mij heen. Eén vraag met zoveel betekenissen. Maar minstens zo vaak vullen we al in: jij zult wel vasten, jij bent vast minder fit...zonder iets te vragen, weten we het al.
Het contrast is opvallend. Als we een profvoetballer zien die én vast én op topniveau speelt, vinden we dat knap, bewonderenswaardig zelfs. Maar wanneer een werknemer in Zeeuws-Vlaanderen vraagt of hij in de ramadan misschien een uur later mag starten — omdat dat beter werkt voor zijn energie — dan vinden we dat ineens lastig en onpraktisch tegenover collega’s.
Voor iemand die wél meedoet aan de ramadan kan het voelen alsof je meteen in een hokje wordt geplaatst: kwetsbaar, minder inzetbaar, iemand voor wie we voorzichtig moeten zijn. Zodra je merkt dat er al voor je gedacht wordt, zoek je bijna automatisch naar een antwoord dat maatschappelijk “past”. En dan vraag ik me af: waarom vraagt niemand mij of ík zondag in de kerk zat?
Invullen doen we vaker. Bij die alleenstaande moeder waarvan we denken dat de opvang wel een probleem zal zijn. Bij iemand met een uiterlijk waar we meteen een compleet levensverhaal bij verzinnen en zelfs bij de voordeur al afwijzen. Misschien gebeurt het niet uit onwil, maar uit gewoonte. En uit het idee dat we al weten wat “past” voor de ander.
We willen nuchter, eerlijk en menselijk zijn en ook zo behandeld worden, toch? Dan hoort daarbij dat we stoppen met invullen en beginnen met écht kijken.
Dus als jouw uiterlijk al een verhaal over je vertelt...hoeveel ruimte heb jij dan nog om je eigen versie van dat verhaal te schrijven?
Patricia Malak
Podcast Koffie & Couscous